Loading...
Werkfilosofie 2017-06-12T09:25:11+00:00

Geïnspireerd door de enorme kennis van de klassieke vioolbouwers en de schoonheid en harmonie die hun instrumenten uitstralen, is het mijn wens een moderne bouwer te zijn, geworteld in de klassieke tijd.

Ik koos dan ook zoals is na te lezen op de pagina “Opleiding”, voor een opleiding aan een internationale school voor vioolbouw en reparatie, de ‘Welsh School of Musical Instrument Making and Repair’. Dit diende als basis voor de bijna negen jaren die ik in het buitenland doorbracht in gerenommeerde ateliers om mij te verdiepen in de verschillende aspecten: nieuwbouw, reparatie, restauratie, kennis van oude en nieuwe instrumenten en stokken, management.

Sinds de aanvang van mijn zaak in 1993 is dit proces van integratie van klassieke stijl en kennis in de huidige tijd alleen maar intensiever geworden.
Veelal internationale uitwisseling met collegae, deelname aan internationale wedstrijden, symposia en de toenmalige jaarlijkse zomerseminaars onder leiding van Jürgen von Stietencron geven mij de mogelijkheid dit proces van inzicht en creatie te continueren en van steeds nieuwe impulsen te voorzien.

Door zelf een actief amateur violist te zijn kan ik de wensen en eisen van zowel de speler als de bouwer beter begrijpen en verenigen.

De wijze waarop ik streef instrumenten te bouwen liet zich niet meer combineren met een zeer goed lopende all-round vioolbouw zaak waarin de aandacht verdeeld diende te worden over zo vele facetten van het vak.

Begin 2001 besloot ik mij voor 75% van mijn tijd op het bouwen en ontwikkelen van nieuwe instrumenten te concentreren. Per 1 januari 2002 werd dit praktisch 90%. Het is een keuze die een grote verandering teweeg heeft gebracht. Er is een voorbereiding van twintig jaar aan vooraf gegaan! Het geeft mij de mogelijkheid de kennis en ervaring van die periode aan te wenden voor het bouwen van nieuwe instrumenten die voldoen aan de hoge verwachtingen en eisen van de musicus.

Vioolbouwers en musici kunnen en moeten veel van elkaar leren. Net zoals je op vele niveaus viool kan spelen, kan je ook op vele niveaus violen bouwen. Bij dat groeiproces, die weg van verdieping, heb je naar mijn mening leermeesters nodig in de ruime zin. Dat zijn leraren op de vioolbouw school, werkgevers, bevriende collega’s met wie je ervaring en inzicht uitwisselt, werkseminaars voor reeds zeer ervaren vioolbouwers, maar ook het contact met musici en niet in de laatste plaats: jezelf.
Door zelf te musiceren en je te verdiepen in de musicus ga je leren wat snelheid van klank en respons inhouden. Wat toon vormen inhoud. Klank moet je leren horen. Het is even essentieel dit aspect te ontwikkelen als het vioolbouwtechnische aspect. Dit leer je o.a. van musici. Dan ook kan je instrumenten bouwen die eigenschappen bezitten die deze voor de speler zo belangrijke aspecten kunnen waarmaken.